in Dagelijks

Het medium bepaalt

Ik hoorde afgelopen week in de formidable A History of Rock Music in 500 Songs podcast het volgende (vertaald):

Elke technologische verandering leidt tot een verandering in het geluid van muziek, op zowel voor de hand liggende als niet voor de hand liggende manieren. Toen AM-radio de meest dominante vorm was, had het geen zin om singles in stereo uit te brengen, omdat er toen nog geen stereo AM-stations waren. De platen moesten ook erg gecomprimeerd zijn, zodat het geluid door de ruis en interferentie heen zou snijden. Die platen waren vaak erg baszwaar en hadden een heel vol, vol geluid. In de jaren zeventig, met de opkomst van 8 tracks, had je vaak softrock en wat later yachtrock zou worden genoemd, met grote successen. Deze muziek, die erg etherisch is en vol hoge frequenties, wordt minder negatief beïnvloed door enkele van de problemen die gepaard gingen met 8 tracks, zoals het iets uitrekken van de band.

Na 1974 en de oliecrisis, werd vinyl duurder, wat betekende dat platen veel dunner werden gemaakt, wat betekende dat je groeven niet zo diep kon snijden, wat betekende dat je de basweergave verloor, wat het geluid van platen opnieuw veranderde – en verklaart ook waarom toen cd’s uitkwamen, mensen begonnen te denken dat ze beter klonken dan platen, omdat ze echt beter klonken dan het spul dat eind jaren zeventig en begin jaren tachtig werd geperst, dat zo dun was dat het bijna transparant was, ook al klonken ze lang niet zo goed als de zware vinylpersingen uit de jaren vijftig en zestig.

En daarna moedigde de hoeveelheid muziek die je op een cd kon stoppen aan tot langere nummers.

Veel hi-NRG- en dance-popmuziek uit de jaren tachtig, zoals de platen van Stock, Aitken en Waterman, heeft bijna geen bas, maar veel spetterende high-end percussiegeluiden – tonnen gesynthetiseerde sleighbells en hi-hats enzovoort – omdat veel disco-apparatuur frequentie-geactiveerde lichten had, en hoe meer high-end dingen er aan de hand waren, hoe meer de discolichten flitsten.

We zullen gaandeweg naar veel van deze veranderingen kijken, maar elk nieuw formaat, elke nieuwe manier om een oud formaat af te spelen, elke verandering in muziektechnologie, verandert de manier waarop muziek wordt gemaakt behoorlijk ingrijpend.

Andrew Hickey

Het medium bepaalt de kunst.

Overigens geldt dat niet alleen voor muziek. Zo zorgde verf in tubes voor een explosie in landschap schilderijen; want je kon ineens verf overal naar toe meenemen en buiten schilderen.

Maar als we het over muziek hebben, na AM, vinyl, 8 tracks, dun vinyl en cd’s is het nu natuurlijk Spotify die verandert hoe muziek wordt gemaakt en geluisterd. Zo weten we al dat door Spotify muziek sneller tot een punt komt.

Opmerkelijk is overigens dat al deze grote veranderingen in muziek elkaar in hele korte tijd opvolgden: we hebben het slechts over tientallen jaren.

En wat dat óók zegt — en soort van geruststellend is — is dat er na Spotify vast wel weer iets anders komt. Ten minste dat zou je verwachten, maar wat zou dat dan zijn? Wat komt er na altijd en overal beschikbare on demand muziek? Of zou Spotify de final form van muziekconsumptie zijn?

(NB disclaimer: ik gebruik zelf geen Spotify en nog nooit gedaan ook, omdat ik er niet uit ben of Spotify een netto positief is voor muziekmakers én luisteraars)

Laat een reactie achter

Reactie

  • Gerelateerde content per tag