in Books, Dagelijks

Politiek en religie

Een tijdje terug las ik het boek van Viktor Frankl over zijn tijd in verschillende concentratiekampen — waaronder Auschwitz.

Ik denk meerdere keren per week aan passages uit dit boek, net als het boek van Primo Levi dat ik vlak daarvoor las. Beide boeken hebben mijn mensbeeld op de kop gezet.

Flarden van zinnen, observaties of alinea’s komen dan willekeurig bovendrijven. Bijvoorbeeld de observatie van Frankl dat al die ondervoede en uitgehongerde gevangenen opvallend genoeg allemaal blinkend tandvlees hadden. Ik weet niet goed wat ik daar mee moet, maar als ik mijn tanden sta te poetsen denk ik er aan.

Een andere observatie waar ik vaak aan denk is de volgende. In het kamp werd — of was — alles uit deze uitgemergelde hoopjes mens geslagen. Dan wel letterlijk, dan wel figuurlijk. Van de wil om te leven tot de wil om mens te zijn met alles wat daar bij hoorde. Honger en slaap waren de enige overgebleven primaire prikkels. Alle andere normale menselijke behoeften waren verdwenen op één na.

Want zelfs in het kamp in die gruwelijke omstandigheden bleven mensen discussiëren over twee dingen: politiek en religie.

Ze zeggen wel eens dat als je vrienden wil blijven met iemand of geen familieruzies wil, dan moet je deze twee onderwerpen vermijden.

Maar net als met de tandvlees observatie weet ik dus niet goed wat ik hier mee moet. Precies deze twee onderwerpen die door alle eeuwen en culturen heen een wig hebben gezet tussen mensen, zelfs over die twee onderwerpen bleven concentratiekampgevangenen discussiëren. Hoe volstrekt zinloos in zo’n omgeving en wat een verspilling van kostbare energie! Waarom?

Maar blijkbaar is die behoefte van mensen dus zo sterk: misschien is dit dan ook juist iets wat ons mens maakt. Want zolang we kunnen blijven discussiëren, zijn we er nog.

Geef een reactie

Reactie

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.